Bijbeltekst: 1 Samuël 17 — Uit de serie: David, de man naar Gods hart, deel 2

Verkondiging: Gemeente van Christus,

David en Goliath, is er één verhaal in de bijbel dat bekender is? Van jongs af aan wordt dat verhaal aan ons en aan onze kinderen verteld, hoe die kleine David de reus Goliath versloeg met een slinger en een steen. Dat verhaal is zo populair onder ons omdat het spreekt tot de verbeelding. Want de normale gang van zaken is precies omgekeerd. In onze wereld wint de sterkste. Dat ontdekken kinderen al heel snel. Maar eigenlijk blijft dat als we ouder worden. De grote geleerde Darwin heeft niet voor niets, toen hij de geschiedenis van de natuur -want de mens rekende hij ook als opgerezen uit de natuur- bestudeerde en doorgrondde, heeft hij gezegd: "Eigenlijk zie ik maar één grondwet van de natuur", dat formuleerde hij met de woorden: 'the survival of the fittest', de overleving van de sterkste. De fitste, de sterkste, de slimste wint het in onze wereld. Iedereen vecht voor zijn eigen overleving als het er op aankomt, dat is een ijzeren wet. Maar dan openen we de bijbel en lezen we verhalen als dit, het verhaal van David en Goliath. Daar ligt alles precies omgekeerd! Dat spreekt tot onze verbeelding. Stel je voor dat het waar is, dat uiteindelijk niet de sterkste wint. Zou dat kunnen? Dat niet de oudste, maar de jongste voorgaat? Dat is natuurlijk een totaal andere wereld dan die wij kennen. Dat is nu die verborgenheid, dat geheimenis, daar wil ik meer van weten.

Zo spreekt dit verhaal van David en Goliath wel bij uitstek tot onze verbeelding. Geheiligde verbeeldingskracht is de kraamkamer van alle geloof. Inderdaad, David betekent voor mij hier een andere werkelijkheid, waarmee ik in het dagelijks leven niet reken, maar waar wel alles om draait. We zullen dat nader proeven als we het verhaal op de voet volgen. Daar is eerst in meesterlijke beschrijving de feitelijke wereld van de filistijnse overmacht. Twee legers liggen tegenover elkaar in het Eikendal, Israël aan de ene kant en de Filistijnen aan de andere kant, en zij hebben een kampvechter en daar kan niemand tegenop. Een kampvechter met een lengte van wel een meter hoger dan Saul, en die rees al 'schouderen opwaarts' boven het volk. Deze man is nog weer bijna een meter -zes el en nog wat- hoger dan Saul. Een man die grote indruk maakte, met een wapentuig die iedere soldaat deed verbleken. Een harnas van brons, geschubd, van tachtig kilo. Dan een helm van koper, en een speer als van een weversboom, zo sterk. De punt van die speer alleen al woog 600 sikkels, dat is 10 kilo. Alleen al ermee zwaaien was genoeg. Die details mogen wij

volgens de schrijver van het verhaal niet missen. Ze zeggen ons: hier kan niemand tegen op, deze man is angstaanjagend, zeker als hij ook nog zijn mond open doet in Israël met zijn koning Saul voor schut zet, kleineert, vernedert tot met name diens vertrouwen op God. We zongen in het kinderlied: heel Israël is bang voor Goliath de reus, daar staat hij midden in het dal en lacht hen uit en spot. Waar blijft die man die vechten zal en waar is jullie God?

Goliath staat hier toch ook als een representant, een vertegenwoordiger van velen. Dit is een van degenen die in de rij passen van Genesis tot Openbaring. Van de torenbouwers van Babel met hun toren die moest reiken tot in de hemel, en in Openbaring het beest dat met almacht bekleed is en oprijst uit de volkerenzee, dat gouden beeld van Nebukadnezar, die droom kunt u er ook bij in het achterhoofd houden, en dan hier Goliath. In die rij past hij, onbesneden heidendom. Daarom zegt David dat ook: "Die onbesneden Filistijn", alsof hij wil zeggen: die staat daar voor onversneden natuurlijke kracht. De Filistijnen aanbaden mannelijkheid, vruchtbaarheid, verwekking, kracht. Dat was hun godsdienst. Een beetje á la Darwins grondwet, maar dan zonder remming, zonder besnedenheid. Ongeremd krijgt het hier de boventoon. Ja, als ik dan vandaar uit die oude wereld, met één man, terugstap naar deze tijd, hoe verschillend is die tijd, maar toch kunnen we er iets van meevoelen, van die angst die van daar uit overslaat naar de slagorden van Israël. Wat gebeurt er als die onversneden, ongebroken mannelijke kracht naar boven komt, als ze niet meer besneden, beteugeld is door morele wetten en normen? Als ze niet meer gedragen wordt door beschaving en fundering in geboden? De mens in zijn onbesneden kracht, toen glorieerde het in de natuur, in onze tijd dreigen we te glorieren in de techniek, de oude geest van de torenbouwers van Babel, waar de geest heerste van: 'man, master of his own destiny', (de mens, meester over zijn eigen bestemming).

Dat zijn de klanken van Goliath. Heel Israël vreesde en kroop in zijn schulp. Ze dachten bij zichzelf: 'misschien heeft hij nog gelijk ook!'. In elk geval, ze weten niet hoe ze tegengas kunnen geven. Dan komt David en ineens waait er in het verhaal een heel andere wind. Hij komt eraan, is onbevangen en geen moment geïmponeerd. Hij komt vanuit een andere verworteling en dat irriteert zijn broers. Misschien zat het hen nog dwars dat hij als jongste was uitgekozen om gezalfd te worden, dat zij gepasseerd waren. Eliab spreekt namens hen als hij heel venijnig en kleinerend tegen David zegt: "Zeg, bij wie heb je eigenlijk die paar schapen achter gelaten, wat dacht je hier te komen doen? Weet je wel wie je bent en wat je kan?" Nu, daar dacht David helemaal niet aan. Hij dacht helemaal niet aan zichzelf maar was alleen maar getroffen door die ontluistering van God. "Wie is toch deze onbesneden Filistijn dat hij -en u moet op die woorden letten- de slagorde van onze levende God hoont?" Dat is typisch Davids terminologie, de levende God. Dat is niet de God die opgesloten zit in dogma's of tradities, nee, de levende God, met Hem is David bezig. Ik denk me zo in dat hij 's ochtends de dag begonnen is met even op zijn lier een psalm te spelen. Tegen Saul zegt hij: "Je kan nooit tegen die man op, maar ik ben zelf een herder en als er een leeuw of een beer de kudde bedreigt dan ga ik erheen en sla hem neer en dan red ik het lam uit zijn bek. Zou de levende God - vers 33- niet precies zo doen met ons als wij door zo'n roofdier besprongen worden?" Eigenlijk staat hier in vers 34 - 37 het geboorteuur van psalm 23. Hij zegt: "Ik weet wat het is om herder te zijn en schapen te hoeden, er zelfs mijn leven voor in te zetten. Nu, de Here is mijn herder, Hij doet hetzelfde voor mij als wat ik voor mijn schapen doe." Dat is voor David volkomen vanzelfsprekend: "Hij zal mij redden, Hij heeft me nog nooit beschaamd. In dat vertrouwen waaruit ik leef ga ik hem tegemoet." Dan zien we daar David neerknielen bij de beekbedding. Het wordt heel gedetailleerd beschreven. Hij knielt bij de beekbedding tussen de twee dalen, zoekt zijn kiezelstenen, weegt af, kiest er vijf. Daar denken velen over na. Vijf, de Thora, de vijf boeken van Mozes? Met die vijf stenen gaat hij vechten. Een mooie gedachte dat je met de vijf boeken van Mozes vecht, dat is de ware rechtvaardige. David bij de beekbedding, dat is het moment dat hij geknield neerligt, de stenen uitzoekt, ze in zijn tas doet, één in z'n slinger doet en dan met dat hart van hem de reus tegemoet treedt. Zijn wapentuig is dat van een herder. Saul heeft eerst nog geprobeerd hem op zijn minst nog wat wapens aan te gespen. Een koperen helm op, een pantser en een zwaard, maar David stikt erin, kan er niets mee. Hij gooit ze af en kiest het wapentuig van een herder. Een herder is hij, een herder blijft hij. Vechten oké, maar dan met het wapentuig van een herder, dat afgedwaalden pijnlijk treft, maar wel om ze bij te halen, en wat leeuw en beer verdrijft. Ja, daarmee treedt hij de reus tegemoet. Goliath weet niet wat hem overkomt. Hij ziet daar ineens een -in zijn ogen ongewapende- herdersjongen op hem toetreden. Hij voelt zich beledigd en zegt: "Ben ik soms een hond dat je met een stok op me af komt? Pas maar op, straks zal ik je vlees aan de vogels voeren!" Dan weet David genoeg. Hij zegt: "Jij treedt me tegemoet met een speer als een weversboom, maar ik heb maar één wapen en dat is in de Naam van de levende God! Hij zal duidelijk maken voor heel de wereld Wie uiteindelijk de wereld draagt en de laatste zeggenschap heeft en dat Hij niet werkt door zwaard en speer, Hij doet het op zijn manier." Plotseling zie je David vanuit die geknielde houding opspringen en hij rent de reus tegemoet. Ondertussen slingert hij ervaren z'n steen en treft precies op het ongewapende stukje de Filistijn in het voorhoofd. De man slaat voorover zoals Dagon in de Richterentijd. Hij valt in zijn eigen zwaard, en met dat zwaard slaat David hem zijn hoofd af. Zo overwon David de Filistijn met een slinger en een steen.

Daar zit natuurlijk veel meer in dan je zo op het eerste gezicht zou zeggen. Het staat in de Schrift, het zijn de verhalen die God ons gegeven heeft, waar we het mee moeten doen, waar we zijn geheimen moeten begrijpen. Natuurlijk, het is een wonder verhaal wat ons bemoedigd om het vol te houden, maar er zit iets diepers in. Het zegt ons: 'hier heb je nu één verhaal wat ons vertelt van de doorbraak van die andere werkelijkheid in die van onze werkelijkheid, die van Darwin, van Goliath.' Wie had dat verwacht? Saul niet, de broers van David niet, de soldaten niet, het volk niet en toch gebeurt het: God wint niet door zwaard of speer, maar door de onnozele middelen van een herdersjongen. Als ik dit zo zeg dan begrijpt u hoe dit niet maar een voorbeeldgeschiedenis is, maar het evangelie! Hier klinkt voor ons heel het evangelie mee van wat God gedaan heeft, dit is vervuld toen Jezus Christus verscheen. Stond er niet over het nieuwe testament geschreven: de Zoon van David, Mattheüs 1, 3 x 24 geslachten? Nu, hier heb je hem. Zo heeft God in Jezus de Herder gegeven die de boze zelf te lijf ging en hem versloeg. Dat is het evangelie. Want hoe ze ook mogen heten, de Goliaths, van Haman tot Hitler, al die gestalten uit de droom van Nebukadnezar, achter het gelaat van hen allen grijnst het gelaat van de vijand van God die overal stookt, die de volkeren aanvuurt tot oorlog, die de mensen verleidt tot zonde, kerken verandert -zei een professor in de theologie deze week- in gepleisterde graven. De splijtgeest is het, de uitééndrijver, zo wordt hij genoemd: diabolos.

Jezus is hem tegemoet getreden, Hij is dat steentje uit de droom van Nebukadnezar dat losraakte zonder toedoen van mensenhanden. Losraakte en aanzwol en het hele beeld verpletterde. Zo is Jezus de boze tegemoet getreden. Waarmee? Zonder pantser, zonder koperen helm of zwaard. U weet, Petrus heeft op het laatste moment nog even geprobeerd Hem een zwaard in handen te duwen, maar Hij is ze te lijf gegaan zonder speer of zwaard, door eigenlijk alleen de gestalte van een dienstknecht aan te nemen, door zich met ons te vereenzelvigen, door ons gelijk te worden tot aan de dood aan het kruis. Zo heeft Hij ons verlost. Zijn slinger was het kruis, het kiezelsteentje - hetzelfde als bij David- was het restloos vertrouwen op God als je je totaal aan Hem overgeeft. Die kiezelsteen heeft David weggeschoten met het gebed: het is er één van God, ik vertrouw restloos op U, het is geschoten en gebruikt uit handen van de levende God. God zegende de greep.

David wint bij wijze van spreken door uit de dood terug te keren, want ze hadden hem al ten dode opgeschreven. Maar Jezus is echt uit de doden teruggekeerd, en heeft zo door het lijden aan het kruis en de kracht van de opstanding de boze overwonnen. 'Ik zag de boze uit de hemel vallen', dat is het boek Openbaring. Dat gebeurde toen Jezus aan het kruis is gestorven en is opgestaan uit de doden. Dat is dus het eigenlijke verhaal van David en Goliath. Jezus is de David die als de Herder van Israël de grote Goliath verslagen heeft en die nu koning is van dat wat ik aan het begin die andere werkelijkheid noemde, dat geheimenis, die verborgenheid.

Ook vanmorgen houdt de Here ons weer voor: leef in die werkelijkheid van dát koninkrijk. Staar je niet blind op de werkelijkheid van de mens die zichzelf sterk maakt, zichzelf handhaaft. Hoe word en blijf ik meester over mijn leven? Die mens heerst nog steeds en zit niet ver van u af trouwens. Hoe maak ik carrière, hoe blijf ik in het middelpunt van de aandacht, hoe kan ik het zo doen dat de mensen mij aardig blijven vinden, hoe kan ik de toekomst beheersen? In de politiek is het aan de orde: het recht tot zelfbestemming. Dat zit achter al die nieuwe wetten over euthanasie en abortus, over leven en dood. Zelfbeschikkingsrecht is het grote woord van deze tijd. Ik proef daarin weer die geest van Goliath. Nu, in die wereld van de mens die zelf wel bepaald wat goed en kwaad is, en waar onherroepelijk weer het recht van de sterkste gaat gelden, absoluut, daar komen de wetten van Darwin boven: zelfselectie, rasverbetering, straks doen we dat door genenmanipulatie. Survival of the fittest, overleving van de sterksten, we zullen het wel regelen. Door David en zijn strijd met Goliath worden onze ogen opnieuw geopend voor die andere werkelijkheid. Daarvoor heeft God ons nu die geschiedenis van David gegeven. Om ons te helpen begrijpen wat er eigenlijk door Jezus verschenen is. Want Hij is de vervulling van David. Wat David deed in het klein voor een handjevol soldaten en voor Saul, dat heeft Jezus gedaan voor het oog van de hele wereld, met dezelfde kenmerken.

Samenvattend: we leerden belangrijke dingen. 1. de herkenning van de angst. Ik hecht dat aan de woorden van Luther: In de wereld hebt ge angst. 2. de ontkenning van de overmacht: houdt goede moed, Ik heb de wereld overwonnen. 3. wat we lazen uit Efeze 6, dat vloeit hier zo uit voort: Strijdt de goede strijd.

Over alledrie nog een enkel woord.

1. De herkenning van de angst.

Als wij staan tegenover machten die ons totaal overweldigen, dan hebben we diezelfde angst. Wie is er niet bang tegenover Goliath, de Goliath van het geweld, uiteindelijk. De Goliath van een losgeraakte onbesneden natuur, van het racisme, het nationalisme en fundamentalisme, uiteindelijk van het liberalisme, de Goliath van een ontspoorde trein hier of een niet meer te verzoenen conflict daar. De Goliath- machten jagen ons angst aan en ze waren rond.

2. Maar gelukkig, naast de herkenning van de angst leert de geschiedenis van David en Goliath ons ook de ontkenning van hun macht. Goliath lijkt oppermachtig, maar tegen Davids optreden heeft hij geen verweer. Jezus zegt: "Houdt goede moed, Ik, herder van Israël heb de wereld overwonnen" en Hij bedoelde: die Gioliath- macht. Dat kon Hij alleen zeggen omdat Hij wist dat Hij God de Vader trouw bleef, de geboden had vervuld en met innerlijke rust de vijand tegemoet kon gaan, zelfs in het bittere lijden. In dat vertrouwen heeft Hij zijn leven ingezet zoals David deed, en God gaf overwinning en zal het geven.

3. Dat mag ons stimuleren tot toerusting tot strijd. Natuurlijk in die stijl en achter Jezus aan. Zoals David als het ware voor Jezus uit ging, zo gaan wij achter Jezus aan. Eersteling van de komende oogst, geroepen om te leven vanuit dat zelfde vertrouwen op de levende God. Ook wij zijn geroepen om niet met wereldse middeleen van speer en zwaard, maar met de middelen van een herder die reus te lijf te gaan, die vijf steentjes. Dat is gebed, en vertrouwen op de levende God, vasthouden aan wat Hij gezegd heeft, moed om los te laten zonder te weten of je het zelf overleeft, cynische kritiek aankunnen, aan een pantser, een helm of een speer heb je niks, we blijven kwetsbaar, kwetsbare mensen, ook in ons wapentuig. Zo moet het blijven. Sterk zijn in de Heer, zegt Paulus, alleen dan zijn we onaantastbaar.

Daarom: houdt stand in aanvechting, weest sterk in de Heer in de sterkte van zijn macht, doe die wapenrusting van God aan, zo prachtig beschreven in Efeze 6 door Paulus: de lenden omgord met de waarheid, het pantser van de gerechtigheid van Hem bekleden met gerechtigheid van Jezus Christus, de helm van de hoop en van het heil, en het schild van het geloofsvertrouwen, als je dat heft dan doven de brandende pijlen van de boze daarin uit. Dan het zwaard van de Geest in je hand, dat is het woord van God, woorden uit de bijbel met je meedragen en je zult sterk zijn in de Here, lopen met de schoenen van de bereidvaardigheid van het evangelie van de vrede, want daar zijn we voor. Zo gebruikt ons de Heer in zijn strijd en zal Hij ons ook de overwinning laten zien!