Bijbeltekst: Psalm 43: 3 en 4 — Uit de serie: Het gebed, deel 3

Gemeente van Christus, Dit is de derde preek van een serie over het gebed. De eerste preek ging over: 'wat is bidden'. In die preek stond het woord 'vrijmoedigheid' centraal. Dat betekent dat we mogen ingaan in het heiligdom langs de nieuwe en levende weg, we mogen alles zeggen, zoals we lazen in de Hebreeënbrief. Ingaan in het heiligdom stond centraal: God de Vader. De tweede preek ging over de moeiten van het gebed: soms bid je en dan is het of je de deur in je gezicht krijgt, dan is er geen geopend hart en geen geopende weg. Dat leert ons zelfonderzoek, opnieuw zoeken of we wel 'het goede nummer gedraaid hebben' of we ons echt richten op God zoals Hij zich in zijn beloften aan ons gegeven heeft, gaan langs de weg die Jezus gegaan is. Jezus is daarbij onze voorspraak. Het onderwijs van Jezus stond centraal, hoe Hij ook door diepten gegaan is. Nu vandaag: het gebed en de Heilige Geest. Het gebed is bij uitstek het middel waarlangs de Heilige Geest ons open maakt voor God en voor al zijn gaven. Het werk van de Heilige Geest in het gebed is in ons heel diep ondergewaardeerd. Misschien is het wel een van de hoofdredenen waarom onze gebeden zo zwak zijn en waarom er zoveel vragen zijn.

We weten wat God de Vader betekent voor ons bidden, we weten ook heel goed wat Jezus Christus voor ons gebed betekent. Laten we daar blij over zijn want dat is de weg waarlangs we gaan, Hij is onze voorspraak, Hij leert ons een houding te vinden en te volharden. Maar ik weet heel zeker dat als ik u zou vragen naar de Heilige Geest: "Hoe werkt die nu in ons gebed?", dat ik dan niet zoveel antwoorden zou krijgen. Terwijl toch alle onderwijs over het gebed ons steeds weer heen wijst naar het werk van de Heilige Geest. De Heilige Geest is God zoals Hij werkt in ons. God de Vader boven ons, Hij draagt zijn schepping; God de Zoon voor ons, onze Verzoener, de Redder door het kruis op Golgotha; God de Heilige Geest is God zoals Hij werkt in ons. In kracht, als Trooster, als Raadsman. Daar ligt het antwoord op heel veel vragen die ik kreeg: 'hoe weet ik waarvoor ik moet bidden, waarvoor ik mag bidden? Er worden wel beloften gegeven, maar ik voor mij, waar zal ik voor bidden?' De Heilige Geest zal het je leren. 'Hoe weet ik nu zeker dat God het hoort?' Door de Heilige Geest. 'Hoe kan ik groeien in vertrouwen?' Door de Heilige Geest.

'Hoe kan ik zien wat God doet?' Door de Geest, licht en waarheid, Hij onderwijst. 'Wat werkt nu het gebed uit?' Al die vragen zou je kunnen beantwoorden met: door de Heilige Geest. Jezus zegt in Lucas 11: "Wanneer wij bidden, dan mogen we zeker zijn: Wie klopt wordt opengedaan, wie vraagt, hem zal worden gegeven." Jezus gebruikt daarbij een voorbeeld: "Wat denk je, als je je vader zou vragen om een vis, denk je dan dat hij je een slang zou geven? -en dan komt de climax-: Hoeveel te meer zal dan uw Vader die in de hemel is, ons de Heilige Geest geven als we bidden, als we Hem bevragen." Er staat niet: als we Hem daarom vragen. Iemand wees me in de preekvoorbereiding op Internet op dat wonderbare detail. Er staat: hoeveel te meer zal uw Vader in de hemel u de Heilige Geest geven die Hem bidden? Die Hem gebeden hebben om de Heilige Geest, denk je dan. Maar dat staat er niet. Het woordje 'daarom' staat er niet. Het lijkt of Jezus daar een antwoord geeft op alle vragen, op heel veel vragen. Geeft God ons dan altijd wat we Hem vragen? Je vraagt om genezing, maar het gebeurt niet.

Vorige week zei ik: "In Jakobus staat: wanneer iemand ziek is, laat hij de oudsten komen en het gelovige gebed zal de zieke redden." Toen heb ik dat niet zo breed uitgelegd, maar daar zit ook iets van datzelfde in. Jezus zegt niet: "Dat gelovige gebed zal de zieke beter maken". In het Grieks staat er een woordje dat redden betekent, in dit geval: daar zal een zegenende werking vanuit gaan. Er gaan dingen gebeuren, daar kun je honderd procent zeker van zijn, maar soms wel dingen die anders zijn dan we dachten, soms dingen die anders zijn dan we wensten. Maar of het minder is, dat is de vraag. Want -dan kom ik weer terug bij die woorden van Jezus-, Hij zegt: "Hoeveel te meer zal uw Vader dan Heilige Geest geven aan hen die Hem bidden." Zo staat het er. Alsof Jezus wil zeggen: dat is het enige waar je altijd voor honderd procent zeker van kunt zijn. Dat is waar ik het over hebben wil: Het gelovige gebed en het werk van de Heilige Geest. De Heilige Geest is God zoals Hij in ons werkt. Als we zelf niet weten wat we bidden zullen, -naar behoren, zegt de apostel, want zo zwak zijn we vaak en zo onmachtig- dan komt de Heilige Geest ons te hulp. Hij bidt in ons op onnaspeurlijke wijze.

Soms zijn er geen woorden voor te vinden. Waar leidt Hij ons dan heen? Daar lazen we psalm 43 voor: Hij leidt ons heen naar de bron van vreugde. Uit die psalm mag ik u vanmorgen verkondigen hoe de Heilige Geest werkt bij en in ons bidden. Eerst: wat Hij doet, dan: hoe wordt Hij hier aangesproken, het derde: waar Hij ons heenvoert. Wat doet de Heilige Geest in ons gebed? Aan de hand van twee symbolen wil ik dat duidelijk maken. Dit symbool: ik sta in het centrum, van ons eigen leven. We zijn bezig met onszelf, van onszelf vervuld, richten ons ook op onze medemens, op de natuur, en op God: Heer, ik kom tot U. Een opwekkingslied, maar ook psalm 43. Ook de bidder in psalm 43 komt zo naar God: Heer, doe mij recht. Er staat dus het woordje ik in z'n vervoeging: doe mij recht en verdedig mij tegen mijn aanklagers. Hier is een man aan het woord die gewoon komt zoals hij is. Dat herinnert u zich nog wel uit de eerste preek: vrijmoedigheid is alles mogen zeggen, komen zoals je bent, en niet zoals je denkt dat je moet zijn. Dat is het geheim van de allereerste les van het bidden. Niet komen zoals je denkt dat je moet zijn, dan ligt de nadruk op hoe we moeten zijn, of we het wel goed zeggen.

Nee, de Here God zegt: "Kom maar zoals je bent. Dat is vrijmoedigheid. Zo begint het bidden. God in de hoge, mijn medemens naast me, met de natuur, in de relatie met mezelf. Bidden begint altijd zo. Zo ook bij de bidder hier in psalm 43: hem is onrecht aangedaan, dat wil zeggen: hij is ontzettend teleurgesteld in mensen. Misschien niet alleen in wat ze hem hebben aangedaan, ook wat ze zijn volk, Israël, -waarschijnlijk is deze psalm in de ballingschap geschreven-, hebben aangedaan, de geestelijke staat van het volk en dat temidden van mensen die afgoden dienen. Daar begint hij mee in zijn gebed, met alles te zeggen. Dat is goed. Hij begint met zijn onmacht en zijn onrust. Ook dat hij teleurgesteld is in God, lees maar verder in vers 2. Dat zit nog dieper. Hij zegt: "Waarom hebt U me niet geholpen, God van mijn toevlucht?" Hij heeft het als een afwijzing gevoeld, als de deur die in zijn gezicht sloeg. Bidden, inderdaad, is alles mogen zeggen. Zo komt hij met al zijn gevoel, z'n twijfel, z'n onrust, z'n teleurstelling, bij God. Wat zien we daarna in die psalm gebeuren? We zien de dichter veranderen, al biddend.

Aan het slot eindigt hij met: "Mijn Verlosser en mijn God." Dan staat God in het centrum en zijn eigen leven meer aan de rand. Het lijkt zo eenvoudig, maar dat is nu het werk van de Heilige Geest. Als wij bidden, en dan in het midden, zoals ook in de psalm, en zeggen: "Heer, zendt Uw licht en Uw waarheid neder", en God geeft ons die vrijmoedigheid en we komen op de heilige berg en het altaar, en we mogen ingaan -in de beelden van het oude testament-, in het heilige der heilige, dan ineens wordt wat groot leek in onze eigen ogen, klein, het wijkt naar de periferie, naar de buitenant, wat dat ook wezen mag. Niet dat het onbelangrijk is, het is heel belangrijk in Gods ogen, maar ineens komt God in zijn majesteit in het centrum. Dat is het eerste wat de Heilige Geest doet en ik denk dat het ongelooflijk bevrijdend is. Het is niet dat je tot meer verplicht wordt, of dat God ons iets aandoet, nee, we worden bevrijd van onszelf, van alles wat ons totaal vervulde, waar we ons zo bezorgd over maakten, waar we teleurgesteld in waren. Het is niet weg, maar het komt op een andere plek te staan.

Ons kleine leven wordt een onderdeel van Gods leven, in plaats van -wat het eerst spontaan was- Gods leven is een klein onderdeel van ons leven. Langzamerhand wordt de rol omgekeerd. Dat is het eerste ongelooflijk bevrijdende werk van de Heilige Geest. Dat is wat Hij doet. Heilige Geest: licht en waarheid Dat zien we in het hart van de palm, in vers 3. Als de dichter van de psalm, de bidder, dreigt weg te zinken in somberheid en boosheid en teleurstelling, dan gaat hij bidden. Dan gaat er iets bij hem gebeuren. Daar heb ik ook een symbool bij: Gebalde vuisten. De bidder is teleurgesteld door mensen: "Voer mijn rechtsgeding, o God", zegt hij en zijn vuisten zijn gebald. En wat zie je midden in dit gebed? Het worden open handen naar God toe: Heer, zendt Uw licht en Uw waarheid en mogen die mijn geleiden en mij brengen naar Uw heilige berg. Ver voor de uitstorting van de Heilige Geest op de Pinksterdag wordt hier die Heilige Geest in z'n kern getroffen: licht en waarheid. De dichter zegt: "Waarom ga ik in het zwart, hul ik me in het duister, dompel me in rouw, o Heer, zend me Uw licht!" Licht is in de bijbel de bevrijdende kracht die van God uitgaat.

Als we maar opening maken naar boven, als we onze handen, ons hart maar openen en Hem binnenlaten. In die donkere gebrokenheid en pijn van ons eigen leven. Dan komt daar licht binnen, licht dat warmte geeft, wat bevroren is ontdooit, wat koud is wordt warm, wat doods was gaat weer bloeien, het zaad ontkiemt. Dat is bidden. Dat is de Heilige Geest binnenlaten, innerlijk je openen naar God toe die je gemaakt heeft. Met dat we dat doen gaan we de dingen zien zoals ze zijn. Dat is nu waarheid: de dingen om ons heen zien zoals God ze ziet. Een hele eenvoudige omschrijving van waarheid, maar hij gaat altijd op. Dat betekent dus niet dat waarheid hier een theoretisch inzicht wat we ons met veel moeite verwerven -daar is natuurlijk niks fout mee-, maar het is meer een kracht, een licht van Hem uit waardoor we de werkelijkheid zien zoals die is. Jezus noemt dit later de Geest der waarheid en Hij zegt: Als de Geest der waarheid komt zal die de wereld overtuigen van zonde en Hij zal u de weg wijzen naar de volle waarheid. Dat is wat in deze psalm zit: Zendt Heer Uw licht en Uw waarheid, moge die mij geleiden en mij brengen naar uw heilige berg.

Gebed: door de Heilige Geest naar de God van onze vreugde Daarmee komen we bij dat derde uit, wat ik het mooiste vind van deze psalm, dat is waar het bidden ons heenvoert, geleid door de Geest. Het voert ons naar Sion, naar de heilige berg, met de woning van God, met daarvoor het altaar. De Geest leidt ons altijd via het altaar -we moeten opgaan- dat stond daar op de berg, is natuurlijk beeld van Golgotha, en via dat altaar naar het hart van God, het heiligdom. De Geest werkt door de Zoon. Langs die nieuwe en levende weg komen we tot God. Het is bijzonder dat God daar genoemd wordt: De God van onze dubbele vreugde. De dichter gaat stamelen als hij het daar over heeft. Ik vind het heel bijzonder, daar wil ik deze drie preken mee eindigen: het wezen van God is vreugde! Het hief me er weer helemaal bovenop toen ik dat ontdekte. Want juist bidden en nadenken over gebed kan je doen wegzinken in moeilijke vragen: waar doe je het voor, wat mag je bidden, wordt het wel verhoord. Ineens gaat dan zo'n psalm tot je spreken: "Heer, zendt me Uw licht en Uw waarheid." Waar leiden die heen? Naar de God van onze vreugde! Vreugde is het hart van al Gods werken.

We weten het natuurlijk wel, we hebben allemaal Genesis gehoord of gelezen. We weten allemaal dat na iedere scheppingsdag God zei: "Zie, het is goed", aan het slot zelfs: "Zie, het is zeer goed!" En wat doet God op de zevende dag? Dan verheugt Hij zich over zijn werken! U kent vast wel dat mooie citaat van een Engelse journalist Chesterton. Die zei: "Eigenlijk bestaan er geen natuurwetten. Iedere keer dat de zon opgaat vindt God dat zo mooi dat Hij zegt: bis!" Net zo als een klein kind, wanneer je een zeepbel voor hem blaast die omhooggaat, zegt: nog es, nog es! Een klein kind blijft dat zeggen, dat houdt niet op. Zo is het bij God ook, het houdt niet op. Iedere keer als Hij de zon ziet opgaan, zegt Hij: Prachtig, nog eens! En dan begint het weer. Zo veel vreugde put Hij in zijn schepping. Nog een stapje verder: Waarom zijn u en ik geschapen? God heeft ons tot vreugde gemaakt. Hij geniet er van met ons om te gaan, Hij geniet ervan ons te zien spelen, te zien werken en te zien lachen. Zodra er dan ook mensen in Gods nabijheid komen en echt God ontmoeten, dan is het of er een golf van vreugde door hen heen spoelt.

Je kan zeggen: is die vreugde dan niet totaal door de zondeval bedorven en door het kwaad helemaal om zeep gebracht? Het antwoord is: Nee! Het is wel geschonden, maar daarna is God aan het werk gegaan, en alles wat God doet en gedaan heeft en zal doen tegen de zonde, is allemaal op één doel gericht, en dat is die vreugde weer te herstellen. Toen Jezus aan het kruis stierf en opstond uit de doden, was dat om de vreugde van de schepping weer te herstellen en de vreugde van God weer mogelijk te maken. Daarom heeft de Here Jezus dat ook zo vaak gezegd: Er is een ongelooflijke vreugde in de hemel als er maar één zondaar zich bekeert. Professor Jager zei vaak tegen ons, zijn studenten: de opschriften boven de gelijkenissen kloppen helemaal niet. Die bekende gelijkenissen in het evangelie van Lukas, over het verloren schaap, de verloren penning en de verloren zoon, die gaan helemaal niet over het verlorene, maar over de vreugde! De vreugde van de herder die het schaap terugvindt, de vreugde van de vrouw die haar penning vindt en de vreugde van de vader als zijn zoon terugkomt. Daar monden die gelijkenissen in uit, daar mondt heel het leven in uit.

Daarom is bidden iets moois en iets heel blijs. Het is iets om verslaafd aan te raken. Wat dacht u waarom alle heiligen en monniken die u zijn voorgegaan gingen bidden? Waarom bidden mensen eigenlijk? Waarom geven mensen veel tijd aan bidden? Doen ze dat om zichzelf te plagen of te kwellen? Ik kan u het omgekeerde verklaren: die bidders zijn heimelijke levensgenieters. Misschien gek gezegd, maar toch is het waar. Wat hoop ik, wat zoek ik als ik bid tot God? Als ik eerlijk ben met psalm 43: die vreugde. Het hoogste wat een mens mag beleven op aarde is niet zweet en plicht of desnoods berusting, wat ook een soort van vrede geeft, nee, het hoogste wat een mens mag doen op aarde is genieten, Hem genieten. In de catechismus van Calvijn, -dat had je misschien van Calvijn niet verwacht- staat in artikel 1: Waarom heeft God de mens geschapen? Het antwoord luidt: Opdat de mens de Here, zijn God, zou dienen en zich over Hem zou verheugen alle dagen van zijn leven. Ik heb het van Francis Schaeffer geleerd, die zei: het doel van een mensenleven is niet alleen dat we God zouden dienen, maar, in het engels: 'that we would enjoy Him forever".

Die vreugde wordt hier heel mooi in psalm 43 beschreven. De dichter heeft gebeden: "Heer, kom en zendt me Uw licht en Uw waarheid", en dan klimt zijn hart op tot de heilige berg en het altaar want via die weg gaat het altijd, naar het heilige der heilige, en wat gebeurt dan? Dan ontmoet hij daar de God van 'de vreugde van zijn jubel'. Taalkundig is het helemaal niet zulk mooi Hebreeuws, het is of hij gaat stamelen. Er komt, lijkt het wel, een beetje dronkenschap over ieder mens die echt door die vreugde wordt overstroomd. Het doet je jubelen. Jubelende vreugde. Het gaat bruisen en overstromen, het brengt je voeten en je handen in beweging, het brengt je alles en zet je hele leven in een ander licht. Dat is nogal wat. Dat is die belofte die Jezus geeft als Hij zegt: "Als gij dan, hoewel ge goed zijt, goede gaven weet te geven aan uw kinderen, hoeveel te meer zal uw Vader uit de hemel Heilige Geest geven aan hen die Hem bidden." Wij vragen goede gaven, Hij geeft Heilige Geest. Daar hebben we niet om gevraagd, maar dat was de verrassing. Dat stelt alles in een ander licht. Dat geeft ons kracht om het vol te houden. Soms ook midden in gebrokenheid, vol onrecht en pijn.

Heel dit bestaan ligt al onder Gods verlossende regime. Al zijn werken waaruit zijn goedheid en barmhartigheid, zijn genade en zijn waarheid zichtbaar worden is een samenvatting van de vreugde die daar uit oplicht, die komen in het centrum te staan. Eigenlijk precies wat Jezus ons geleerd heeft: Begin maar gewoon met de vertrouwelijkheid van "Abba, Vader". Dan: "Uw Naam worde geheiligd, Uw Koninkrijk kome". We zien de krachten van het Koninkrijk al aan het werk. "Uw wil geschiede", zijn heilswil is volbracht en wordt volbracht. Dat te zien en dat in het centrum te stellen geeft ons de moed om voort te gaan en onze kleine noden worden daaraan ondergeschikt. Daarmee kom ik aan het slot van deze preek en ook weer bij waar ik begon: Hoe belangrijk is het gebed! Als je de gemeente van Christus met een auto zou vergelijken is het gebed wel de benzine. Die auto doet niks zonder brandstof, al is ie nog zo mooi. Waarom loopt ie slecht? Krap in de benzine! Waarom hapert de gemeenschap, waarom is er gebrek aan kracht, waarom is er nauwelijks een doorbraak van het evangelie in onze samenleving?

Daar kunnen we natuurlijk veel meer van zeggen maar altijd speelt een hoofdrol: de benzine is schaars! Vooral op het punt van het werk van de Heilige Geest. De werking van de Heilige Geest, door het gebed, in het gebed, voor het gebed, als er één ding is wat Jezus te allen tijde ons beloofd heeft is het wel die gave van de Heilige Geest. Ons daarvoor openstellen en zo verder bidden, dat is het, dat is wat we geleerd hebben met deze psalm. Zend, Heer, Uw licht en Uw waarheid neder, laat die mij leiden naar Uw altaren, dan mag mijn ziel Uw heil ervaren en dankbaar ruisen alle snaren -dan gaat ook de muziek weer klinken-, voor U die al mijn vreugde zijt en eindeloos mij verblijdt. Amen Deze verkondiging is de derde in een serie van vier over het gebed. Wim Rietkerk stelt het op prijs als u mee wilt denken in de voorbereiding voor de preken van deze serie. Daarvoor hebben we een speciale discussiepagina gemaakt, waar u kunt reageren op deze verkondiging of de reacties van anderen. ©2000 Nederlands Gereformeerde Kerk - Utrecht.